Tantes aan het woord

Ad

Kok

Ad staat sinds coronatijd met veel plezier in de keukens van tante om voor onze bewoners een lekker maal te koken. Dat liefde door de maag gaat, blijkt: bewoners kunnen het goed met hem vinden. Hoewel dat misschien ook door zijn dans- en zangkunsten komt…

Waar loop jij warm voor in je werk?

“Voor onze bewoners. Ik heb vroeger in een centrale keuken van een verpleeghuis gewerkt, daar maakte we 450 maaltijden en zag je nooit iemand. Hier komen de mensen in het restaurant eten, dat vind ik veel leuker. Ik maak graag een praatje met ze. Of ik ga appeltaart met ze bakken, dan krijg je hele verhalen te horen over wat er vroeger in de appeltaart ging. Laats heb ik samen met een Indische bewoonster rendang gemaakt voor de hele woning, dat deed ik in mijn vrije tijd. En er is hier iemand uit Servië komen wonen, dus binnenkort eten we een keer Servische aardappelsalade.”

Waar raak je van over je kookpunt?

“Ik ben eigenlijk altijd blij. Als mensen me hier een dag niet horen zingen, dan weten ze dat er iets aan de hand is… Een slechte sfeer, daar kan ik niet tegen. Of als iemand komt te overlijden.”

En je waagt ook weleens een dansje?

“Klopt, ik dans regelmatig met de bewoners. En als ik op vrijdagochtend in Bosgaard ben en er is karaoke, zing ik altijd een paar nummers. Als Pien (specialist oudergeneeskunde van deze locatie, red.) er is, zingen we samen één of twee nummertjes. Dat vinden mensen geweldig. Ik zit sowieso heel de dag met muziek in mijn hoofd.”